Log in

'Win for life. Met het basisinkomen naar vrijheid en creativiteit'

Uitgelezen

Win for life. Met het basisinkomen naar vrijheid en creativiteit

Nele Lijnen
Pelckmans Pro, Borgerhout, 2017

'De discussie over een mogelijke invoering van een basisinkomen is over het algemeen oppervlakkig, weinig bevredigend en bovendien verwarrend. Er worden door voor- en tegenstanders stellingen betrokken die onvoldoende worden onderbouwd en er wordt maar zelden serieus ingegaan op elkaars standpunten.'

Dat is een bittere vaststelling van het Nederlands Netwerk voor Politieke Innovatie, een notoir pleitbezorger van het basisinkomen. Nele Lijnen, volksvertegenwoordiger voor Open VLD, heeft als vivante liberale alvast geprobeerd daaraan te verhelpen. Gedreven en verontwaardigd als ze is ziet ze wat er vandaag allemaal verkeerd loopt in onze verzadigde welvaartsstaat. Armoede, verstikkende bureaucratie, stress, onderwaardering van onbetaalde arbeid, financiële afhankelijkheid van anderen, dreigende werkloosheid door robotisering en automatisering. De oplossing ligt voor het grijpen: een onvoorwaardelijk basisinkomen voor iedereen.

Niet zomaar voor het grijpen natuurlijk. Er moet nog heel wat uitgeklaard worden.

Vandaar haar pleidooi voor 'een goed uitgevoerd onderzoek naar de voordelen, dehaalbaarheid en de nadelige effecten van een basisinkomen.' Gelijk heeft ze. Zelf is ze ten volle overtuigd van 'een geleidelijke en onderbouwde invoering van het basisinkomen.' Ze geeft een mooi overzicht van alle voordelen van het basisinkomen: de bureaucratie verschrompelt, sociale fraude en de armoedeval verdwijnen, het is goed voor de werknemers, goed voor de werkgevers, verkleint de ongelijkheid, het is een echt sociaal vangnet, beloont onbetaalde arbeid, maakt mensen zelfredzaam en onafhankelijk, de robots zijn welkom en het beëindigt extreme financiële armoede. Het lijstje van mogelijke nadelen is veel beperkter: het kost veel geld en er is de angst dat niemand meer wil werken. En daar begint het schoentje te wringen natuurlijk.

Een goed uitgevoerd onderzoek had al snel meer nadelen aan de oppervlakte kunnen brengen die te maken hebben met ons mens- en wereldbeeld en vooral met machtsverhoudingen. Nele Lijnen besteedt daar te weinig aandacht aan. Uiteraard is ze als volbloed liberaal voor meer individuele vrijheid, pleit ze voor een doorgedreven staatsverkleining en moeten de loonkosten naar omlaag. Maar mag het een beetje concreter zijn? Over welk basisinkomen hebben we het? Hoog genoeg om aan het armoederisico te ontsnappen (afgerond zo'n 1.100 euro in de maand) of wordt er al naargelang de bladzijden vorderen afgezakt naar 950 euro , 750 euro of 600 euro in de maand? Wat met de sociale uitkeringen van gepensioneerden, werklozen of mensen met een handicap die nu nog hoger liggen dan zo'n basisinkomen? Wat houden de maatregelen in op het gebied van arbeidsrecht: opheffing van het minimumloon, individuele onderhandelingen in plaats van cao's, soepeler ontslagregelingen, meer afroepcontracten, mini-jobs en freelancewerkers? Wat met de overheidssteun voor dienstencheques, sociale economie en starters? En wat met de 'aanpalende maatregelen inzake (sociale) huisvesting, studiefinanciering en zorg'?

We weten het: 'the devil is in the details'. Maar het gaat hier om meer dan details. En dan hebben we het nog niet over de financiering gehad. Het gaat simpelweg om de kern van de zaak. Zij bepalen langs welke kant de balans van voor- en nadelen uiteindelijk gaat overhellen. En daar gaat Nele Lijnen met een grote bocht omheen.

Cijfers zijn niet echt haar ding. Zo citeert ze enthousiast de uitzending van Panorama uit 2015 die de opbrengst van de rationalisering van het overheidsapparaat (zoals de pensioendiensten, de RVA en de OCMW's) op 25,5 miljard euro schat. Als we nu heel breed de loon- en werkingskosten van elk van die bureaucraten op 100.000 euro schatten , dan moeten er wel 255.000 afvloeien of direct op straat gezet worden om die 25,5 miljard euro te kunnen uitsparen. Begin er maar eens aan.

En dan is er nog de grote verdwijntruc van haar leermeester Roland Duchâtelet. 'Op het ogenblik dat hij het basisinkomen invoert, verandert het inkomen uit arbeid van de werkenden helemaal niet. Zo krijgt iemand die nu 1.750 euro netto verdient, dan een loonbriefje met de volgende vermelding: basisinkomen = 750 euro, inkomen uit werk =1.000 euro.' Via een boekhoudkundige truc betalen de werkenden dus hun basisinkomen zelf, zonder dat ze er iets aan overhouden. Maar er is meer. Voor Roland Duchâtelet kunnen mensen ongestoord toch nog een centje bijverdienen, want in tegenstelling tot de werkloosheidsvergoeding of het leefloon valt het basisinkomen niet weg en is er dus van een werkloosheids- of armoedeval geen sprake meer. Maar klopt dat?

Even vergelijken:

  1. je hebt 750 euro dopgeld en aanvaardt een deeltijdse job van 800 euro: het dopgeld valt weg en je houdt 800 euro nettoloon over,
  2. je hebt een basisinkomen van 750 euro en aanvaardt een deeltijdse job van 800 euro: op je loonbriefje komt dan 750 euro basisinkomen en 50 euro inkomen uit werk, om samen aan ... 800 euro te komen. Tiens, waar is dan die extra prikkel om te gaan werken opeens naar toe?

In het Verenigd Koninkrijk wordt er voor steviger rekenwerk gezorgd. Zo heeft Luke Martinelli (IPR Working Paper, March 2017) van de University of Bath voor de (gebr)exiteerde Britten zo'n 27 versies en varianten van het basisinkomen uitgetest, afhankelijk van wat er gebeurt met de hoogte van het basisinkomen, de andere sociale uitkeringen en hoe het natuurlijk allemaal gaat betaald worden. Dat levert even boeiende als tegenstrijdige resultaten op in termen van meer of minder armoede en meer of minder ongelijkheid. Dat gaat alle kanten op, zodat we gerust kunnen zeggen dat meer dan het basisinkomen zelf het maatschappelijk kader en de machtsverhoudingen de doorslag geven.

Die varianten en inherente tegenstrijdigheden vinden we ook terug bij de hele schare supporters van Win for Life: van Noël Slangen tot Kristof Calvo. Bij nader toezien blijken ze helemaal niet voor dezelfde ploeg - en zelfs niet voor hetzelfde spel - te supporteren. De enen zien het als een partijtje keihard American Football (zoals de 'IK NV'-ers van Peter De Keyzer), anderen lijken meer van softball te houden (zoals Sarah Van Liefferinge die ervan droomt dat 'de maatschappij warmer zou worden'). Nu ben ik er wel voor om meer te zoeken naar wat mensen bindt dan wat hen scheidt, maar dit is toch wel van het goede te veel.

Karel Van Eetvelt bakt het zelfs helemaal bruin. Hij 'gelooft niet altijd meer in hetevolutieve van onze huidige systemen. In grondige bijsturingen zoals een basinkomen wel.' Hij wil daar een debat over voeren, ermee experimenteren. Klinkt mooi. Maar op het zelfde moment slaagt hij erin om in De Standaard (29/03) het 'ongemotiveerde' tijdskrediet te bestempelen als 'budgettair onhoudbaar en voor veel bedrijven, zeker kleine kmo's, ook organisatorisch onhoudbaar.' Voor hem moet het 'onvoorwaardelijk' basisinkomen dus wel kunnen, het 'ongemotiveerde' tijdskrediet helemaal niet. Is het misschien een tussenoplossing om bij wijze van experiment het 'onvoorwaardelijk tijdskrediet' terug in te voeren?

Uiteindelijk komt Nele Lijnen er na 151 bladzijden op uit dat er... meer onderzoek nodig is. Dit boek van een politica die de moed heeft om verder te kijken dan de korte termijn bewijst dit ten overvloede. En laat het dan maar heel ambitieus zijn. Niet alleen de 27 tegenstrijdige varianten van een basisinkomen verdienen nader onderzoek. Ook de allernoodzakelijkste modernisering van de huidige welvaartsstaat moet terug hoog op de maatschappelijke agende gezet worden.

(Wie in meer geïnteresseerd is dan dit pamflettair stukje proza, kan altijd mijn uitgebreide analyse 'Het basisinkomen van de sluier der onwetendheid ontdaan' opvragen via colpaert-braet@telenet.be)

Samenleving & Politiek, Jaargang 24, 2017, nr. 6 (juni), pagina 83 tot 85