Abonneer Log in

De mythes in het migratiebeleid ontrafeld

Samenleving & Politiek, Jaargang 23, 2016, nr. 5 (mei), pagina 4 tot 12

Veel populaire denkbeelden over migratie zijn niet op feiten maar op mythes gebaseerd. Wanneer ook het beleid zich op die mythes inspireert, riskeert het de bal mis te slaan. In haar jaarlijkse migratierapport neemt de Migratiecoalitie (11.11.11, Netwerk tegen Armoede, Vluchtelingenwerk Vlaanderen, ORBIT vzw, Minderhedenforum en Samenlevingsopbouw) drie grote migratiemythes onder de loep. De mythes hebben betrekking op ontwikkelingssamenwerking, het grenzenbeleid en de toegang tot sociale rechten voor migranten. In deze bijdrage schetsen we de belangrijkste conclusies van dat onderzoek en schuiven we pistes voor een nieuw migratiebeleid naar voor.

‘Wij zijn geen verkrachters’, ‘Wij zijn Keulen’, ... met deze boodschappen trokken Syrische vluchtelingen op 17 januari in Keulen de straat op om te protesteren tegen de vreselijke gebeurtenissen van oudejaarsnacht. Ze wilden een duidelijk signaal geven dat ook zij zich verzetten tegen seksueel geweld en komaf maken met de mythe van ‘de vrouwonvriendelijke vluchteling’. In België werd in diezelfde periode een Iraakse vluchteling opgepakt omdat hij een meisje betast zou hebben in het zwembad van Koksijde. Later bleken de feiten niet te kloppen. Maar het kwaad was al geschied. De spontane solidariteit die eerder tijdens de ‘vluchtelingencrisis’ op gang was gekomen, smolt als sneeuw voor de zon.

Helaas is het maar een zoveelste voorbeeld van de vele mythes die over migranten de ronde doen. Niet alle migratiemythes krijgen evenveel aandacht. Sommige sluipen langzaam binnen. Als ze appelleren aan overheersend gevoel bij een grondstroom zijn er niet veel feiten meer nodig om ze aan te nemen. Met de migratiecoalitie (11.11.11, Netwerk tegen Armoede, Vluchtelingenwerk Vlaanderen, ORBIT vzw, Minderhedenforum en Samenlevingsopbouw) onderzochten we drie hardnekkige migratiemythes. Drie mythes waar we in onze dagelijkse werking mee te maken krijgen én waarvan we merken dat ook politici hun beleid er (voor een stuk) op stoelen.

Alle drie lijken ze onderdeel van een beleid dat er vooral op gericht is iedereen zo ver mogelijk van ons te houden. De ingrediënten ervan zijn ongeveer de volgende: als we hen een beetje geld geven, dient dat vooral om te zorgen dat ze wegblijven. En als ze dan toch nog komen, wordt het beleid in de eerste plaats gericht op het sluiten van de grenzen, zodat er zo weinig mogelijk vluchtelingen kunnen komen. Als ze hier ondanks al die hindernissen alsnog geraken, is het vanuit diezelfde logica perfect te verklaren om ze zo weinig mogelijk te laten delen in onze sociale verworvenheden. Anders zouden er nog meer kunnen komen.

Wie dit bekijkt vanuit het oogpunt van een migrant ziet snel hoe krom deze redeneringen zijn. Het gaat om mensen die weten dat in eigen land de overlevingskansen klein of de perspectieven uitzichtloos zijn, om wat voor reden dan ook. Het zijn ook mensen die weten dat er bij ons een mate van veiligheid en voorspoed is die gewoonweg niet vergelijkbaar is met hun eigen realiteit. De overweging om te vluchten is gebaseerd op die twee feiten. Inspelen op andere motieven, waar ons beleid zich aan vastklampt, is een illusie.

MYTHE 1: ‘ONTWIKKELINGSSAMENWERKING DOET MIGRATIE OPDROGEN’

‘Het water staat ons aan de lippen,’ zo horen we van Belgische en Europese politici. Europa kan niet alle vluchtelingen opvangen en dus moeten we naar meer opvang in de regio - ook dat is trouwens een mythe want 87% van de vluchtelingen wordt vandaag al opgevangen in ontwikkelingslanden.1 Ondertussen wordt alles in het werk gesteld om de vluchtelingen ‘in de regio’ te houden.

Die pogingen nemen steeds cynischere proporties aan. Er is de omstreden deal met Turkije en ook voor samenwerking met het Soedan van Omar al-Bashir (voor genocide gezocht door het Internationaal Strafhof) schrikt Europa niet langer terug.2 Steeds vaker horen we ook dat ontwikkelingssamenwerking moet dienen om migratie te stoppen. Ook het Belgische regeerakkoord kondigde aan dat onze ontwikkelingssamenwerking een impact moet krijgen op de migratiestromen naar ons land. Maar is het zo eenvoudig? De link tussen ontwikkeling en migratie is niet lineair. Bovendien is het niet slim om migratie an sich te bestrijden, bekeken vanuit ontwikkelingsoogpunt. Migratie draagt bij aan ontwikkeling.

De migratieparadox

Mensen migreren vooral van arme naar rijkere regio’s en de migratiedruk neemt af wanneer de ongelijkheid afneemt. Toch zien we enkel op lange termijn dat minder personen wegtrekken wanneer de ontwikkeling van hun streek toeneemt. Op korte termijn zien we net het omgekeerde. Ontwikkeling stuurt migratie en zorgt er in eerste instantie voor dat ze toeneemt. Dit is de migratieparadox die grafisch voorgesteld wordt met de migratiebult (Figuur 1).3

Figuur 1. De relatie tussen internationale migratie en ontwikkeling

De emigratiecijfers dalen niet wanneer arme landen rijker worden, tot ze boven een bepaald inkomen per capita komen dat zich situeert in de bovenste categorie van middeninkomenslanden. Niet voor niets zijn belangrijke emigratielanden als Mexico, Turkije, Egypte, Marokko of de Filipijnen allemaal middeninkomenslanden. Onderzoek op microniveau geeft aan dat de armste gezinnen minder vaak migreren. Dat is logisch, want migratiebewegingen (en zeker de internationale) brengen risico’s met zich mee en vragen financiële middelen, kennis en contacten.4

Wil dat zeggen dat we maar moeten stoppen met ontwikkelingssamenwerking? Natuurlijk niet. De motivatie achter een ontwikkelingsbeleid moet in de eerste plaats solidariteit zijn, en geen welbegrepen eigenbelang. Dat laatste heeft altijd op de loer gelegen in de sector. Zo koppelde in het verleden onze regeringen hulp vaak aan de voorwaarde dat Belgische bedrijven contracten voor de uitvoering zouden krijgen. Net zoals dit soort opportunisme gelukkig steeds meer tot het verleden behoort, mag opportunisme rond migratie niet de drijfveer zijn. Er zijn redenen genoeg om de allerarmsten een hand te blijven toesteken. Of zo u wil erg cynisch gesteld: stoppen met werken aan ontwikkeling is alleen zinvol als we ons er mee tevreden stellen dat 1 miljard mensen in extreme armoede blijven en rondkomen met 1,9 dollar per dag, een budget waarmee ze in geen geval kunnen reizen. Extreme armoede is op die manier de ultieme garantie tegen migratie.

Welke rol kan een ontwikkelingsbeleid dan spelen in deze context? Eerst en vooral blijft ontwikkelingssamenwerking een belangrijke hefboom voor duurzame ontwikkeling en de strijd tegen mensenrechtenschendingen, ongelijkheid, corruptie, ondervoeding en instabiliteit. Op die manier pakken we de grondoorzaken van gedwongen migratie aan op lange termijn. Maar daarvoor moeten ook ons klimaat-, financieel en handelsbeleid volop aangewend worden. Bovendien speelt ontwikkelingssamenwerking een specifieke rol in de context van migratie. Ze draagt bij aan crisispreventie, conflictresolutie en de bescherming van vluchtelingen in getroffen regio’s en re-integratie. Investeren in fatsoenlijke, menswaardige opvang in de regio blijft een topprioriteit die geld kost. Toch blijft de underfunding van VN-vluchtelingenprogramma’s in de regio een constante. In april nog trok UNHCR voor de zoveelste keer aan de alarmbel over een gebrek aan fondsen in Zuid-Soedan. Met slechts 8% van het programma gefinancierd komen levensnoodzakelijke diensten in gevaar.5 Hetzelfde verhaal horen we al jaren over de programma’s in Libanon, Jordanië, Centraal-Afrika, enzovoort.

Migratie als hefboom voor ontwikkeling

Voor veel migranten is migratie een verstandige adaptatiestrategie en een investering in een betere toekomst. Vaak wordt de beslissing om te migreren niet genomen door één persoon, maar is de hele familie of zelfs de lokale gemeenschap erbij betrokken. Zij plannen de migratie en verzamelen de noodzakelijke middelen zodat ook zij later een graantje mee kunnen pikken. Wie het erop waagt, draagt vaak de hoop van een hele gemeenschap met zich mee.

Internationale kaders zoals de Sustainable Development Goals erkennen steeds meer dat migratie een rol zal spelen in het behalen van ontwikkelingsdoelstellingen.6 Goed georganiseerde migratie heeft immers een groot ontwikkelingspotentieel. Denk bijvoorbeeld aan het geld (remittances) dat migranten overmaken aan het thuisland.

De Wereldbank schat dat in 2014 in totaal voor 436 miljard dollar aan remittances werden overgemaakt aan ontwikkelingslanden. In 2016 zou dat stijgen tot 453 miljard dollar (Figuur 2).7 Dat enorme bedrag ligt minstens drie maal zo hoog als de officiële ontwikkelingshulp. Hoewel deze geldtransfers geen substituut zijn voor een coherent, economisch ontwikkelingsbeleid, blijken ze wel een zeer waardevolle aanvulling. Ze vormen een belangrijke bron van inkomsten voor de achterblijvers, die op die manier geld kunnen vrijmaken voor onderwijs, huisvesting en gezondheidszorg. Ze zijn een boost voor de lokale vraag naar arbeid en diensten. Een recente studie van de Wereldbank toont aan dat ook in migratie tussen ontwikkelingslanden onderling remittances een steeds belangrijkere rol spelen. Ze dragen in grote mate bij aan de welvaart in herkomstlanden.8

Figuur 2. De remittances-stromen zijn groot en groeien.

Een goed beleid is cruciaal om van migratie een succes te maken. Een groot deel van de oplossingen daarvoor liggen in België zelf. Bijvoorbeeld in de manier waarop we onze arbeidsmarkt organiseren. Waarom maken we niet mogelijk dat arbeidsmigranten voor bepaalde periodes gemakkelijk heen en weer kunnen reizen tussen België en het herkomstland? We zouden daarmee voor een stuk een antwoord kunnen bieden op de irreguliere migratieroutes. De menselijke, maar ook de financiële prijs is enorm. De laatste vijftien jaar is naar schatting 16 miljard euro verdwenen in de handen van mensensmokkelaars. Geld dat beter had kunnen dienen voor ontwikkeling in het Zuiden. Maar we kunnen er ook het brain drain fenomeen mee tegen gaan. Migratie hoeft, zeker met de huidige communicatiemogelijkheden, niet de breuk met het herkomstland te zijn die ze ooit was. Als we het mogelijk maken dat mensen de expertise die ze hier opdoen meenemen naar het herkomstland creëren we een win-winsituatie. We kunnen daarvoor lessen trekken uit de Zweedse aanpak, waar men al langer inzet op systemen van circulaire migratie.

MYTHE 2: ‘GRENZEN OPTREKKEN IS MIGRATIE STOPPEN’

Het optrekken van zowel fysieke als papieren grenzen lijkt steeds meer het antwoord van Europa op de toenemende vluchtelingenstroom. In 2015 werden hekken opgetrokken aan de grenzen tussen Hongarije, Servië, Slovenië en Kroatië. Bulgarije en Griekenland bouwden eerder al een muur aan hun grens met Turkije. De hekken aan de grens van Calais werden versterkt. Ook Estland en Letland plannen de bouw van een muur aan hun grens met Rusland. Zo is het optrekken van muren en hekken aan een nieuwe opmars bezig in Europa.

Een mythe met ongewenste gevolgen

Toch zijn onderzoekers het erover eens dat de invloed van een grenzenbeleid op de instroom doorgaans marginaal is in vergelijking met de invloed van andere economische en politieke determinanten van migratie. Zolang Europa welvarend, vrij en veilig is, zal de regio mensen aantrekken. Zeker in tijden van crisis en conflict. Daar helpt geen enkele muur tegen.

De Wereldbank en het IMF erkennen dat grootschalige migratie van arme naar rijke landen nog tientallen jaren een permanent verschijnsel zal zijn in de wereldeconomie.9 Ondanks de meer dan 20.000 doden van de laatste vijftien jaar en de toegenomen investeringen in hogere grenzen blijft het aantal migranten dat de Middellandse Zee oversteekt jaar na jaar toenemen.10

Gesloten grenzen hebben dus niet het effect dat ermee beoogd wordt. Maar ze hebben, naast een hoge kostprijs voor Europa, wel verregaande gevolgen. Douglas Massey registreerde in zijn onderzoek naar migratie van Mexico naar de VS de volgende neveneffecten: meer migratieroutes en grensoversteekplaatsen, een hogere inzet van mensensmokkelaars, hogere kosten voor en een grotere dodentol tijdens de grensoversteek. Bovendien toonde hij aan dat restricties voor een afname van de terugkeermigratie zorgden. Wanneer heen en weer reizen onmogelijk is, doen mensen die in het land geraken er alles aan om te blijven. Op die manier bevordert het beleid wat het in eerste instantie tracht tegen te gaan: een toename van permanente vestiging. Recenter onderzoek van Oxford University’s International Migration Institute (IMI) stelde gelijkaardige effecten vast in het Europese beleid ten aanzien van migratiestromen uit Marokko.11

Gesterkt door dalende aankomsten in Griekenland na de deal met Turkije en het afsluiten van de grens met Macedonië blijven beleidsmakers overtuigd dat hoge muren ‘helpen’. Het afsluiten van de grenzen rond Griekenland en de deal met Turkije zorgen er misschien voor dat op korte termijn minder mensen de oversteek wagen, maar zelfs Europese grensbewaker Frontex erkent dat de kans groot is dat smokkelaars nieuwe routes zullen zoeken en oude routes terug in gebruik nemen.12

Veilige toegangswegen

Moeten we de grenzen dan zomaar opengooien? Uiteraard niet. Grenzen spelen een belangrijke rol in het managen van een goed migratiebeleid. Grenscontroles zijn nodig om de veiligheid te vrijwaren en internationale criminaliteit tegen te gaan. Maar altijd moeten de rechten van migranten langs deze grenzen gerespecteerd worden. In geen geval mag grensbewaking het recht van vluchtelingen om asiel aan te vragen inperken. Een goed migratie- en grenzenbeleid biedt voldoende toegangswegen, voor mensen op de vlucht voor oorlog en vervolging, maar ook voor economische migranten. Want hoewel we officieel nauwelijks arbeidsmigratie uit ontwikkelingslanden toelaten is ze er wel in de feiten. Met meer dan 100.000 mensen in onwettig verblijf draait de informele economie in België op volle toeren. Ze maakt duidelijk dat migranten willen werken maar ook dat we arbeidsmigratie nodig hebben om bepaalde plaatsen op onze arbeidsmarkt in te vullen.

We verfoeien mensensmokkelaars, en terecht. Maar ze beantwoorden aan een reële en legitieme vraag. Deze industrie zal floreren zolang die vraag blijft bestaan. Het creëren van veilige en legale toegangswegen voor zowel vluchtelingen als economische migranten zal een essentieel onderdeel zijn van de strijd tegen mensensmokkel. Het is mogelijk om via legale kanalen een migratiebeleid vorm te geven dat inspeelt op bestaande noden op de arbeidsmarkt en mensen op de vlucht voor oorlog en geweld een waardig onderkomen biedt.

Dat erkennen ondertussen ook internationale organisaties als de VN, de Internationale Organisatie voor Migratie (IOM) en de OESO. Zij pleiten eensgezind voor meer legale migratiekanalen naar Europa. Die moeten toelaten dat migratie op een gestructureerde manier kan gebeuren en kunnen ervoor zorgen dat de migratiestromen beheersbaarder worden.13

En toch worden zelfs de meest bescheiden plannen voor hervestiging amper uitgevoerd. In het kader van het Europese relocatieplan nam België 24 van de verplichte 3.888 asielzoekers uit Italië en Griekenland op.14 In het eigen hervestigingsplan realiseerde de regering vorig jaar minder dan de helft van de beloofde 550 hervestigingsplaatsen. Terzijde: alleen al in Libanon bevonden zich in maart 2016 volgens de UNCHR meer dan een miljoen Syrische vluchtelingen.15

MYTHE 3: ‘RECHTEN VAN MIGRANTEN INPERKEN OM DE SAMENLEVING IN STAND TE HOUDEN’

De angst voor migratie als een ontwrichting van ons sociale systeem is misschien wel één van de meest persistente. Uit onderzoek van het enquêtebureau IPSOS van augustus 2015 blijkt dat de meeste Belgen (61%) vinden dat er te veel migranten in ons land verblijven en dat migratie nefast is voor de Belgische economie.16 Veronderstellingen als deze vormen de basis voor een streng migratiebeleid ten aanzien van nieuwkomers. Het optrekken van grenzen voor migranten beperkt zich niet alleen tot de toegang tot het grondgebied, maar wordt ook doorgetrokken naar de toegang tot bepaalde rechten. Met de stijgende cijfers van asielaanvragen woedt deze discussie volop. Het wetsvoorstel om de kinderbijslag voor vluchtelingen in te perken om ‘de sociale zekerheid te redden’ was in dit verband exemplarisch voor het beleid dat deze mythe creëert.

Wie de zaken even op een afstand bekijkt, krijgt een ander beeld. Hoewel de situatie verschilt per land is de bijdrage van migratie aan de Europese economieën volgens de OESO over het algemeen positief.17 Volgens een nieuwe studie van de Université Catholique de Louvain varen bewoners van OESO-landen in het algemeen wel bij de instroom van migranten. De komst van nieuwkomers heeft positieve effecten voor 69% van de autochtone bevolking in OESO-landen. Kijken de onderzoekers naar de 22 rijkste landen, heeft 83% van de bevolking baat gehad bij migratie.18 Ook onderzoek in België wijst doorgaans op een beperkte, maar positieve bijdrage. Hoewel migranten zich meestal in een slechtere socio-economische positie bevinden en de werkloosheidscijfers hoog zijn, dragen migranten gemiddeld meer bij aan de sociale zekerheid dan ze kosten.19

Zelfs als we specifiek kijken naar het vluchtelingenvraagstuk zijn de kosten relatief. Het IMF becijferde de totale fiscale impact van alle uitgaven in 2015 op 0,09% van het Belgische bbp. Het kinderbijslagbudget voor vluchtelingen bedraagt 6 miljoen euro op een totaalbedrag van 6 miljard, of 0,1%. Niet echt een ontwrichting van onze sociale zekerheid. Bovendien brengt de instroom van nieuwkomers ook kansen met zich mee. Niet enkel economen als Thomas Piketty onderlijnen dat Europa grootschalige migratie nodig heeft. Ook het IMF, de OESO en de Wereldbank zeggen dat. Volgens het IMF brengen de vluchtelingen op korte termijn een gematigde economische groei met zich mee. Op lange termijn is - zeker in de belangrijkste ontvangstlanden - een aanzienlijke groei waarschijnlijk.20

Belangrijk: de impact hangt af van hoe de vluchtelingen geïntegreerd worden in de arbeidsmarkt. Deze integratie loopt in België nog te moeizaam. Migratie kan haar volle potentieel pas realiseren wanneer migranten kansen krijgen, goed geïntegreerd zijn en hun competenties effectief kunnen inzetten. Als de rechten van migranten niet gegarandeerd zijn (zoals bij onderbetaling of een gebrek aan compensatie bij ziekte), treden sociale en economische verliezen op. In de eerste plaats is de migrant daar zelf het slachtoffer van, maar uiteindelijk verliest de hele samenleving. Volgens de OESO krijgen migranten in België te weinig kansen op de arbeidsmarkt. Op die manier laten we nog veel talent liggen. Het overheidsbudget zou met 0,9% groeien wanneer migranten in België dezelfde werkzaamheidsgraad zouden kennen als de autochtone bevolking.21 De recepten daarvoor zijn gekend. We moeten meer inzetten op taallessen, integratie, begeleiding naar de arbeidsmarkt maar ook de discriminatie op die arbeidsmarkt aanpakken.

CONCLUSIE

We zullen alleszins minder verkrampt met migratie moeten omgaan. Of we nu willen of niet, migratie zal ook in de volgende jaren een realiteit zijn. Het is tijd dat we niet langer alle energie stoppen in vruchteloze pogingen om de stroom in te dijken. Als we dat accepteren als gegeven, ontstaat er ruimte om te kijken naar de kansen die migratie biedt. Zoals dit artikel toont, zijn die er namelijk wel degelijk. Kansen voor onze economie en voor de ontwikkeling van de landen van herkomst. Het grijpen van die kansen maakt deel uit van een toekomst waarin de huizenhoge ongelijkheid tussen Noord en Zuid afneemt. Alleen in zo’n toekomst zal uiteindelijk de migratie van daar naar hier afnemen. En wie weet maakt ons dat tegen die tijd niet zoveel meer uit.

Bogdan Vanden Berghe
Algemeen directeur 11.11.11
Flor Didden
Beleidsmedewerker Migratie 11.11.11

Noten
1/ IOM, Global Trends Factsheet, 2015. http://publications.iom.int/books/global-migration-trends-factsheet-2015.
2/ ‘De EU doet zaken met een genocideverdachte want de vluchtelingenstroom moet gestopt worden.’ De Correspondent 26/04/2015. https://decorrespondent.nl/4377/De-EU-doet-zaken-met-een-genocideverdachte-Want-die-vluchtelingenstroom-moet-gestopt-worden/506728397670-ffabc54d.
3/ Wets J., Meireman K. & De Bruyn T., Migrantengemeenschappen. Partners in het ontwikkelingsbeleid?, 2004.
4/ Michael Clemens, Does Development reduce Migration, 2014.http://www.cgdev.org/sites/default/files/does-development-reduce-migration\_final\_0.pdf.
5/ UNHCR, South Sudan refugee outflow continues, UNHCR reports severe funding shortfall, 19/4/2016. http://www.unhcr.org/5715f0619.html.
6/ United Nations, Transforming our World: the 2030 Agenda Sustainable development, p 8, 2015. http://www.un.org/ga/search/view\_doc.asp?symbol=A/RES/70/1&Lang=E.
7/ World Bank, Migration and Development brief 26 http://www.worldbank.org/en/topic/migrationremittancesdiasporaissues.
8/ World Bank, Global Migration Revisited: Short-Term Pains, Long-Term Gains, and the Potential of South-South Migration, 2016. http://papers.ssrn.com/sol3/papers.cfm?abstract\_id=2763309.
9/ Wereldbank, IMF, Global Monitoring Report, 2015. http://www.worldbank.org/en/publication/global-monitoring-report.
10/ IOM, Fatal Journeys: Tracking Lives Lost During Migration, 2014. https://publications.iom.int/system/files/pdf/fataljourneys\_countingtheuncounted.pdf.
11/ International Migration Institute, Determinants of International Migration, 2014. http://www.imi.ox.ac.uk/projects/demig.
12/ Frontex, press brief situation at the external border, 04/2016. http://frontex.europa.eu/pressroom/faq/situation-at-external-border/.
13/ OESO, Corruption and the smuggling of refugees, 10/2015. http://www.oecd.org/corruption/Corruption-and-the-smuggling-of-refugees.pdf.
14/ Europese Commissie, Member States’ Support to Emergency Relocation Mechanism, 28/04/2016. http://ec.europa.eu/dgs/home-affairs/what-we-do/policies/european-agenda-migration/press-material/docs/state\_of\_play\_-\_relocation\_en.pdf.
15/ UNHCR, Syria Regional Refugee Response, 31/03/2016. http://data.unhcr.org/syrianrefugees/country.php?id=122.
16/ IPSOS, Half of Citizens in 24 Nations Say There are Too Many Immigrants in their Country, 06/08/2015. http://www.ipsos-na.com/news-polls/pressrelease.aspx?id=6930.
17/ OECD, Migration Policy Debates: Is migration good for the economy?, 2014. http://www.oecd.org/migration/OECD%20Migration%20Policy%20Debates%20Numero%202.pdf.
18/ Aubrya A., Burzyn M., Docquier F., The welfare impact of global migration in OECD countries, 5/04/2016. http://perso.uclouvain.be/frederic.docquier/filePDF/ABD\_WelfareImpact.pdf.
19/ Liebig T. , The Fiscal Impact of Immigration in OECD Countries, International Migration Outlook 2013. http://www.oecd.org/els/mig/IMO-2013-chap3-fiscal-impact-of-immigration.pdf.
20/ IMF, The Refugee surge in Europe: economic challenges, 01/01/2016. https://www.imf.org/external/pubs/ft/sdn/2016/sdn1602.pdf.
21/ Knack, ‘OESO wijst regering Michel op drie aandachtspunten: werkloosheid, migranten en betaalbare woningen’, 04/02/2015. http://trends.knack.be/economie/beleid/oeso-wijst-regering-michel-op-drie-aandachtspunten-werkloosheid-migranten-en-betaalbare-woningen/article-normal-530705.html.

Samenleving & Politiek, Jaargang 23, 2016, nr. 5 (mei), pagina 4 tot 12