(Alle Sampol-artikels, behoudens die van de laatste 6 nummers, worden hier integraal beschikbaar gesteld. Geen overname zonder bronvermelding.)

Is het einde van de democratie in zicht?

No cover
oktober 2017
Witte Els
2017

Verschillende politieke filosofen en wetenschappers wijzen op de paradox die na de val van de Muur van Berlijn (1989) is ontstaan: de democratische principes halen meer dan ooit de bovenhand in het westen, maar tegelijkertijd heeft deze overwinning als effect dat de democratie sindsdien meer in vraag wordt gesteld en er zelfs een zekere vijandigheid groeit. Heeft Pierre Rosanvallon, de Franse onmisbare denker van de democratie, gelijk als hij zich de vraag stelt of het einde van de democratie in zicht is? Om daarop te beantwoorden werkt een historische perspectief over de rise and fall van onze democratie alvast verhelderend.1

 

HET ONTSTAAN VAN DE MASSADEMOCRATIE

Dit hoogst innoverende democratische project kwam tot stand in het verlengde van het Verlichtingsdenken dat voor vorstelijk absolutisme, adellijke privilegies en kerkelijke dominantie alternatieven bood: scheiding der machten, volkssoevereiniteit en politieke participatie, vrijheid van mening, gelijk staatsburgerschap en beschermde rechten van de mens.

Via revoluties werd dit basismodel op het einde van de 18de eeuw in verschillende landen gerealiseerd. De industriële, commerciële, financiële en intellectuele burgerij slaagt er vervolgens in om doorheen de economische machtsverwerving de eigen belangen (vrije concurrentie, persoonlijk belang, individuele eigendomsverwerving) bij de invulling van de concepten door te drukken. In de 19de eeuw wordt het een burgerlijke democratie. Die is gebaseerd op rede en bezit, en met een volkswil die enkel tot uitdrukking kan worden gebracht door een kleine politieke elite in een verkozen parlement.

Zoals bekend doet het industriële kapitalisme een uitgebuite arbeidersmassa ontstaan, die in verzet komt en de krachten bundelt. De sociaaldemocratie, de christendemocratie en het radicale liberalisme gaan bondgenootschappen aan om de sociale misstanden via het parlementaire systeem weg te werken. De aan de macht zijnde burgerij tracht deze explosieve krachten alsnog te kanaliseren en te integreren in het bestaande systeem. Een door deze elite gecontroleerde verruimde democratie die met de belangen van de arbeidersklasse moet rekening houden, ziet het licht. Ze kan echter noch op de steun van uiterst rechts (fascisme) noch op deze van uiterst links (communisme) rekenen.

De economische crisis van de jaren 1930 doet deze massademocratie opschuiven in de richting van een vooral door de econoom John Maynard Keynes geïnspireerd economisch staatsinterventionisme, gekoppeld aan een zeker, meer gesocialiseerd kapitalisme (gebaseerd op sociale voorzieningen en massaconsumerisme). Voor de Tweede Wereldoorlog wordt de politieke basis van dit politieke systeem gelegd; vanaf 1945 wordt het in hoge mate uitgebreid.

KEYNESIANISME NA 1945

Deze massademocratie heeft het algemeen (aanvankelijk enkel mannelijk) stemrecht als uitgangspunt. De arbeidersbewegingen verwachten veel van de parlementaire machtsopbouw die uit het algemeen stemrecht zal voortvloeien. Het wordt echter een langzaam proces. Om schokken te vermijden, worden slechts geleidelijk nieuwe lagen van de bevolking bij het participatieproces betrokken. Zo zal het in België tot 1949 duren voor vrouwen voor het parlement kunnen kiezen.

Het meerderheidssysteem wordt nu ook betwist, en wel in de mate dat het tot vertegenwoordigende lichamen leidt die geen werkelijke afspiegeling van het globale kiezerskorps zijn. In meerdere landen - ook in België - wordt de evenredigheid als democratischer beschouwd, aangezien het elke groep in het parlement zo nauwkeurig mogelijk overeen doet komen met zijn aandeel in het kiezerskorps. Een groter aantal partijen, geen absolute meerderheden en moeilijke coalitievormingen zijn er dan weer de nadelen van. Vandaar dat sommige landen (Duitsland bijvoorbeeld) opteren voor een gemengd systeem.

(..)

Els Witte
Emeritus-hoogleraar aan de VUB

Samenleving en politiek, Jaargang 24, 2017, nr.08 (oktober), pagina 52 tot 59

 

Noot
1/ Bij de redactie van dit overzicht inspireer ik me vooral op: E.Witte, A.Meynen, D.Luyten, Politieke geschiedenis van België van 1830 tot heden. Antwerpen, Manteau, 2016; E.Witte, Politiek en democratie. Omtrent de werking van de westerse democratieën in de 19de en 20ste eeuw. Brussel, VUBPress, 2000;  E.Witte m.m.v. A.Detant en B.Distelmans, Media en politiek. Een inleiding tot de literatuur.Brussel, VUBPress, 2002.

democratie - media - middenveld

Free business joomla templates
Ontwerp Amsab - Powered by Amsab helpdesk